
Een keer gaan Rinty en ik met vier van de honden een straatje om. Het is een half uur voor zonsondergang. Buiten de poort slaan we links af, iets later nog een keer links en dan alleen maar een aantal keren rechtsaf. Een klein blokje om, maar een geweldige kennismaking met de directe omgeving waar Rinty woont. De weg is gewoon de rode aarde (op de foto links zie je de straat waar Rinty woont). Overal zijn de mensen aan het koken op houtskool en hun afval aan het verbranden, dus het ruikt naar vuurtjes. Dat is voor mij de geur van Afrika: vuurtjes. Dat komen we de hele reis tegen. Bij de buren is de compound heel mooi opgeruimd; bij de rest van de huizen is het veelal rommelig. Er lopen kippen los, ook over straat, sommige hebben kuikentjes. Echte scharrelkippen, hier zitten kippen alleen in kooien als ze op de markt verhandeld worden. Op het hoekje aan het eind van de straat komen wat kinderen aanhollen en ze roepen ons na ‘Mzungu, mzungu’ want eigenlijk ‘Engelsen’ betekent, maar wordt gebruikt voor alle blanken. Wij houden de honden aan de lijn en niemand mag bij hen in de buurt komen (iedereen moet denken dat ze gevaarlijk zijn, wat ze dienen ook als bewaking van de compound).

We zien uitbundig bloeiende bougainville’s; een totaal vervallen resort uit de Engelse tijd (wat zou je met veel geld daar nog iets moois van kunnen maken); buurtbewoners op de fiets; een geit aan een touw langs de kant van de weg; een strookje grond langs kant waar wat groenten verbouwd worden. We passeren een kerk en verderop een huizenblok (niet direct aan de weg, daar zit dan weer een akkertje tussen) met allemaal kleine raampjes: ieder raampje is één woning. We passeren ook een omheind terrein, waar een militaire basis is gevestigd. Dan rechts nog twee heel mooie huizen en we komen bij een hoofdweg. Daar is het op dat moment nog heel druk met vrachtwagens en bodaboda’s. En natuurlijk ook met voetgangers die de avondboodschappen hebben gedaan bij de houten winkeltjes aan de kant of het marktje er achter.
Rinty heeft de grote honden Jack, Jane en Spike aan de lijn. Ik loop met de pup Jade, die die dag voor het eerst mee naar buiten mag. Dat is al heel grappig. Ergens op een recht stuk weg rent Rinty met de honden een paar keer heel hard op en neer. Ze heeft er zelf net zoveel plezier is als de honden. En ik voel me heerlijk. Als ik nu terugkijk is dat het uur(tje) geweest waarin ik me het gelukkigst heb gevoeld. Zo’n moment waarop alles samen valt en klopt; de geuren, de kleuren, Rinty die hier thuis is en op dat moment zo heel dichtbij. Ik voel me hier thuis en begrijp dat Rinty hier gelukkig is.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten